top of page

De hoofdrolspeler

Joanne Meyboom

directeur van de divisie Building Technologies bij Siemens Nederland N.V.

Ruim een jaar geleden hebben wij onze werkzaamheden op de Roadmap gestaakt, omdat onze voorgestelde aanpak en de visie van het ministerie van Onderwijs niet in overeenstemming waren. En toch is er beweging in het dossier. Joanne Meyboom, Taskforcelid van De Bouwagenda en Managing Director bij Siemens Smart Infrastructure, beschrijft wat zij ziet.

Wat is het issue

Kennelijk was er een coronacrisis nodig om stappen te kunnen zetten in de verduurzaming van het Nederlandse scholenbestand. Alida Oppers, directeur-generaal Primair en Voortgezet Onderwijs bij het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, zegt in het interview met De Bouwagenda in ons rapport ‘3 Jaar De Bouwagenda’ dat het grote probleem om scholen aan te pakken een gebrek aan geld is. En dat dat ervoor heeft gezorgd dat wij ons werkzaamheden op dit terrein moesten staken.

 

Maar dat blijkt de halve waarheid te zijn. Het Coördinatieteam van Techniek Nederland is vorig jaar een onderzoek gestart rond de ventilatie in scholen. Met het oog op COVID-19 moet die ventilatie op orde zijn, voordat kinderen weer les kunnen krijgen. Techniek Nederland stelde dat 38% van de onderzochte schoolgebouwen wél voldoet aan de bestaande normen voor een prettige lucht in de klas en 11% niet. Als je dan kijkt naar de reactie van minister Slob dan blijkt geld niet het grootste probleem. De minister erkende dat er een probleem is, ondanks dat hij aangaf dat het probleem wat hen betreft niet groot is en hij 360 miljoen beschikbaar heeft gesteld. Om alle scholen op het goede ventilatie-niveau te krijgen is 1,2 miljard nodig. 30% van het benodigde bedrag is nu beschikbaar gesteld. En dat is een mooi begin, want de investeringen voor een gezonder schoolklimaat hebben als bijeffect dat de scholen automatisch ook verduurzaamd worden.
 

Wat mij betreft was het grootste issue in deze opgave dus niet het geld; het grotere probleem was dat niemand echt erkent dat we überhaupt een probleem hebben. Zie de woorden van minister Slob: ‘De meeste scholen zijn dus goed geventileerd’.


Omgeving en gezondheid
Ondertussen zaten er net voor de lockdown in heel wat onderwijsgebouwen de kinderen met hun jas aan in de klas. Om het besmettingsgevaar van corona te verkleinen, staan dan alle ramen open en is het vreselijk koud. Ondertussen stoken ze wel om te proberen het nog een beetje behaaglijk te houden. Deze onwenselijke situaties zijn alleen maar zo ontstaan, omdat we al decennia niets aan de renovatie van scholen hebben gedaan.

 

Nu, tijdens corona, wordt dus zichtbaar hoe slecht het leefklimaat in scholen is. Maar dit weten we al veel langer. In 2014 is in een onderzoek gevraagd aan leraren, leerlingen en ouders hoe ze hun scholen ervaren. De resultaten zijn niet mals. Maar het is nog steeds zo, dat na 7 jaar het welzijn van kinderen en docenten geen prioriteit lijkt te zijn bij de brancheorganisaties of de overheid. Scholen zijn de gebouwen met de meeste gebruikers per vierkante meter, maar ze vallen buiten elke normering. En dat terwijl de leerprestaties van kinderen en daarmee hun en onze toekomst, mede door de kwaliteit van het gebouw waar ze dag in dag uit in zitten, bepaald wordt.

 

Bedrijven en overheden zijn zich daarentegen erg bewust van het feit dat de werkomgeving van hun mensen bepalend is voor hun prestaties. De algemene gedachte is: als mijn medewerker gezonder is, presteert hij beter. In het welzijn van werknemers wordt flink geïnvesteerd. Gebouwen worden doorgemeten en verbeterd volgens de Well building standard. Die standaard geeft aan hoe gezond jouw gebouw is en aan die standaard zit ook een certificering vast. Een certificaat voor welzijn zou er ook voor leerlingen en leraren die in een schoolgebouw zitten, moeten zijn.

 

Wat wij wilden
Wij hebben als De Bouwagenda geprobeerd om met een coalitie onder andere een normering verplicht te stellen voor scholen. En we hebben ons heel erg hard ingezet voor het principe van bezit naar gebruik. Op dit moment ligt het juridisch eigendom van een gebouw bij het schoolbestuur en het economisch eigendom ligt bij de gemeente. Een school mag dus niet investeren in het gebouw, wel in het onderhoud van een school. Ons idee was dat we zouden zeggen: ‘Gemeente, jij hoeft niet te investeren in de renovatie, hier is een private partij zoals een pensioenfonds die dat wil doen.’ Die verdient uiteindelijk zijn geld terug, omdat de school rente terugbetaald die net zo hoog ligt als de bespaarde onderhoudskosten. Dit zijn wel contracten met lange looptijden. Maar niemand binnen de coalitie, die bestond uit partijen uit het onderwijs, de bouwsector en de overheid, voelde zich eigenaar van het probleem of ervaarde een gezamenlijkheid en trok dus de verantwoordelijkheid naar zich toe. Men bleef vanuit het eigen perspectief naar het issue kijken en dus is er nooit toenadering gekomen. Ook ons voorstel voor een Renovatieversneller Scholen waarin gebundelde projecten op basis van gezamenlijke financiering prestatiegericht wordt aanbesteed aan de markt, is niet omarmd bij gebrek aan regie en wil om samen te werken. Bij elke oplossingsrichting die wij voorstelden werd steeds verwezen naar een ander. Het werd al snel duidelijk: hier werkt polderen niet. Hier is regie nodig.

 

Ik hoop dan ook vurig dat er in het volgende kabinet een minister voor Bouw en Ruimtelijke Ordening komt die de verantwoordelijkheid krijgt voor de verduurzaming van al het maatschappelijk vastgoed waaronder scholen. Er is regie nodig op de gehele opgave om te voorkomen dat de betrokken partijen het gebrek aan geld, kennis en oplossingen naar elkaar blijven doorspelen. Het gaat in eerste instantie om centrale, landelijke regie op de opgave met voldoende middelen en mandaat om deze autonome sector vrijwillig in staat te stellen de klimaatdoelen te halen. Onder regie verstaan wij de coördinatie binnen een goede samenwerking met de belangrijkste landelijke stakeholders: BZK, OCW, VNG, PO-raad en VO-raad. En idealiter sturen ze dan binnen die samenwerking op schaalvolume, snelheid, kwaliteit, kennisontwikkeling- en verspreiding en voldoende financiële middelen om de opgave aan te pakken.

Positief nieuws

Toch gloort er iets van hoop voor alle schoolgaande kinderen: de commissie Nijpels heeft een goed advies uitgebracht. Hierin staat beschreven hoe renovatie van onderwijsgebouwen financieel en juridisch beter kan worden geregeld. Het investeringsverbod voor schoolbesturen in het primair onderwijs moet worden versoepeld. De eisen aan renovaties van scholen moet gelijkgetrokken worden aan die van nieuwbouw, en het IHP (Integraal Huisvestingsplan) moet een verplichting worden. Hierin geven gemeenten en scholen aan hoe zij de komende jaren garanderen dat ze kwalitatieve en goede onderwijsfaciliteiten gaan leveren. Daar is duurzaamheid ook een onderdeel van.  Dit zijn allemaal punten die wij toejuichen en die ervoor gaan zorgen dat de renovatie van de scholen beter van de grond kan komen. Maar dit advies is nog niet doorgevoerd en het zal een hele lange weg worden.

 

Ondanks dat er van alle betrokken partijen geen gezamenlijk voornemen is gekomen om scholen grootschalig te willen verduurzamen is er wel veel gebeurd in de eerste 2 jaar van De Bouwagenda. De verduurzaming van het scholenbestand staat hoger op de agenda van zowel de scholen als gemeenten. De Bouwagenda heeft een duw gegeven op:  

  • Innovatieprogramma Aardgasvrije en Frisse Basisscholen 

  • OCW werkt een aantal aanpassingen op de wet uit:  

    • Renovatie opnemen als voorziening in de wet  

    • Investeringsverbod nuanceren  

    • Integraal Huisvestingsplan verplicht stellen  

  • Oplevering Routekaarten maatschappelijk vastgoed  

  • Voorstel tot standaardisatie van Integraal Huisvestingsplan  

  • Oplevering pilots School vol Energie 

  • Kennis- en innovatieplatform voor Maatschappelijk Vastgoed  

  • Propositie “Bezit naar Gebruik” voor maximale ontzorging door vastgoed professionals. 

  • Voorstel Renovatieversneller Scholen 

  • Voorstel Nationaal Waarborgfonds 

  • 5 miljoen euro leenfaciliteit bij NEF Schooldakrevolutie.  

 

Aanbevelingen

Creëer regie op de opgave vanuit samenwerkende ministeries en koepels. Zorg dat gemeentes en schoolbesturen hun middelen bij elkaar leggen voor een aanpak gericht op total cost of ownership en laat ze de markt uitvragen op prestaties door gelijksoortige scholen in mandjes te bundelen!

Leren van de Roadmap Scholen

Nederland telt zo’n 10.000 schoolgebouwen. De kwaliteit van veel van deze gebouwen laat op verschillende aspecten te wensen over: het binnenklimaat is door hoge CO2-concentraties slecht te noemen, de energierekeningen rijzen de pan uit en de indeling van de traditionele gebouwen staan innovatief onderwijs in de weg. Het creëren van de randvoorwaarden voor het verduurzamen van deze gebouwen is een taaie klus gebleken. Dat heeft verschillende oorzaken: bij het onderwerp zijn veel partijen betrokken en er is volgens De Bouwagenda landelijke regie nodig op de gehele opgave om te voorkomen dat partijen het gebrek aan geld, kennis en oplossingen naar elkaar blijven doorspelen en om de slag naar meer standaardisatie te kunnen maken.

Interview Joanne Meyboom

>
<

Bewegend beeld

bottom of page